Hierbij het verhaal van de laatste reis van de Alphacca, om te beginnen het telegram
van kapitein van der Laan, daarna een stukje uit het boek "Scheepsrampen in Oorlogstijd".
ALPHACCA TORPEDOED APRIL 4TH KILLED 15 MEN =
REST OF CREW AND PASSENGERS ARRIVED CAPE PALMAS 7TH =
SIGNED VAN DER LAAN MASTER
Het s.s. "ALphacca", van de N.V. Van Nievelt Goudriaan's Scheepvaartbedrijf te Rotterdam,
vertrok 23 Maart 1942 van Kaapstad naar Freetwown, na eerts nog stoker W. Smit op de loodsboot te hebben gezet.
Smit had n.l. bij het opdraaien van een staaldraad de top van een zijner vingers zodanig bezeerd, dat deze was afgekneld.
Op 27 Maart, te 13.30 uur werden de 1e machinist J. de Vries, de 2e machinst P.W. de Kooy
en de 3e machinist A. van Wijngaarden, die aan de vriesmachine werkten,
tengevolge van een plotselinge steekvlam zwaar gewond.
De 2e machinist overleed nog die zelfde dag te 19.00 uur en werd de volgende dag te 16.00 begraven.
Te 4.55 van 30 Maart overleed eveneens de 1e machinist.
Met het oog op de tropische hitte werd na gehouden scheepsraad besloten het
stoffelijk overschot nog de zelfde dag te begraven.
De 4e April d.o.v. werd de positie van een onderzeeer opgegeven.
Onmiddellijk werden de uitkijken versterkt, waaraan ook door de passagiers werd deelgenomen.
Het schip werd evenwel te 19.10 in volslagen duisternis door een torpedo ter hoogte van het volkslogies getroffen.
Getracht werd noodseinen uit te zenden, doch zowel de hoofd- als noodinstallatie bleken buiten werking te zijn.
Inmiddels werden 4 reddingboten te water gelaten; passagiers en bemanning scheepten zich rustig in.
Nadat het schipgezonken was kwam de duikboot aan de oppervlakte.
Informaties werden ingewonnen naar de naam en nationaliteit van het schip.
Nadat deze gegevens verstrekt waren,
vroeg de Commandant van de duikboot of er voldoende proviand en water aan boord was.
Verder informeerde hij of er kompassen in de sloepen waren,
gaf daarna de koers aan naar Kaap Palmas en na een goede reis te hebben gewenst,
verdween de duikboot weer onder water.
OP 9 April om 20.45 landden de boten weilig te Kaap Palmas.
Zes opvarenden waren gewond, van wie stoker M. Harms zo ernstig, dat hij op 5 April overleed.

De volgende opvarenden werden vermist:
S. v. Eenige matroos
C. Taal matroos
G.H. Derks matroos
A. Verveer matroos
H. v.d. Hoek matroos
E. Cooper matroos (Eng.)
Th.J. Koks stoker
L. v.d. Bie stoker
J. Pijl stoker
J. Smit stoker
G.J. v. Ravensteyn bediende
D. Jansen tremmer
W. v. Velsen tremmer
A. Zwart tremmer
Tot zover het stuk uit het boek.
De onderzeer was de U-505, die in 1944 door de Amerikaanse marine is buitgemaakt.
De duikboot ligt nu in een museum in Chicago.

Met dank aan Leo